De weg omhoog is ingezet!

De tegenstander van TAL 1 in de derde ronde, Sissa 2, was vorig jaar met overmacht vanuit de 5e klasse gepromoveerd en had al 3 wedstrijdpunten verzameld, 1 meer dan wij. Niet te onderschatten dus, hoewel op papier wel wat zwakker.

Schrijver dezes was vroeg klaar, maar had wel veel tijd geïnvesteerd in het afslaan van een aanval van Dionne Wigboldus op zijn koningsstelling. Die bleek trouwens niet al te gevaarlijk, dus had ik door moeten spelen in plaats van remise te maken door herhaling van zetten. Als tegenprestatie dit verslag.

Aan de meeste andere borden leek alles voorspoedig te verlopen. Bijvoorbeeld aan bord 5 waar Klaas het opnam tegen Writser Cleveringa. Die leverde een stuk in, waarschijnlijk met het idee dat even later weer terug te winnen, wat echter niet het geval was. De diagonaal a2 -g8 speelde een dominante rol en was een lust voor het oog van de TAL-toeschouwers. Het vervolg was niet al te moeilijk.

Stef was langzamerhand in een wat moeilijke positie beland tegen Sjoerd Rookus. Met Ta6 had hij zich nog redelijk goed kunnen verdedigen, maar hij speelde 21. …. g5 en kwam er na 22. Taf1 De8 23. fxg5 Txf2 24. Dxf2 Tb8 25. Df6 niet meer bovenop. Uiteindelijk bleek de opstoot g5 – g6 dodelijk. Het zou onze enige verliespartij worden maar dat wisten we toen natuurlijk nog niet. Het stond weer gelijk, maar niet voor lang.

Bas speelde tegen  Wouter Manenschijn een sterk wisselende partij. Nadat hij een klein voordeeltje vanuit de opening had opgebouwd had hij op zet 18 met een lange-termijn kwaliteitsoffer een ijzersterke positie kunnen krijgen met als compensatie 2 pionnen en het loperpaar. Voor het bord is zoiets natuurlijk erg moeilijk uit te rekenen. In plaats daarvan kreeg wit een winnende aanval op de koningsstelling. In de diagramstelling kon wit het afmaken met 24. gxf7 Dxc4 25. Dg3+ en dan of Kh7 26. Ph4 of Kh8 26.Pg5. Maar wit dacht alleen aan het redden van zijn loper en na 24. Lxd5 Dxg4 was de stand weer volledig in evenwicht.

In het eindspel pakte wit het niet al te goed aan. In plaats van de pion terug te winnen kwam hij in de volgende diagramstelling terecht en sloeg pion a6, waarna Bas met 29. …. g5 30. Pf3 Pxf3 31. Txf3 een winnende aanval op de koningsstelling kreeg waarbij uiteindelijk 3 witte pionnen sneuvelden. Met 4 pionnen tegen 1 in het resulterende toreneindspel gaf wit op.

Als ik mij de volgorde goed herinner was de volgende overwinning voor Meine, die tegen Roland Kroezen langzamerhand een steeds betere stelling opbouwde, maar op de 28e zet verzuimde toe te slaan. Even geleidelijk als het werd opgebouwd verdween zijn voordeel weer, totdat, in een stelling met ongelijke lopers en elk een paard, wit zijn paard ruilde tegen zwarts loper. Het eindspel was daarna met een pion meer opeens totaal gewonnen voor zwart, die toen nog wel een manier moest vinden om die winst te realiseren. Meine offerde zijn extra  pion op b2 (zie diagram), om daarna ongestoord met zijn koning de witte koningsvleugel binnen te kunnen wandelen en zo wits pionnen aldaar te oogsten. Let op de arme witte loper die volledig wordt ingeperkt door zwarts paard. Wit gaf in deze stelling op.

Wouter nam het op tegen Daniel Meijer en bereikte de goede stelling van het diagram. Zwart had de kwaliteit terug moeten nemen en vervolgens de pion b5 weg moeten ruilen, om er dan het beste van te hopen. Wit blijft dan wel beter staan. In plaats daarvan speelde hij 27. …. Dg4 waarna 28. bxa6 volgde met daarna Ta8 29. b4. Het handenbindertje op de damevleugel gaf wit vrij spel aan de andere kant van het bord, zodat zwart langzamerhand werd opgerold.

De partij van Tjeerd tegen de Poolse dame Aneta Sokolowska was een spektakelstuk, goed voor 3 diagrammen. Wit had geen goed veld voor het paard op f3, maar exf3 ging niet vanwege Dxg6+.  Ze zag misschien niet dat ze na 19. dxe5  Lf5 20. Txd6 exf3 21. Txd7 Lxc2 22. e6 Lxf2+ 23. Kxf2 fxg2 24.Kxg2 haar goede stelling behield. In plaats daarvan speelde ze het speculatieve stukoffer 19. Pxg5 hxg5 20. Lxe4 Lf5 21.dxe5 met een voordeeltje voor zwart als die daarna 21. …. d5 had gespeeld. Na het gespeelde 21. ….  Tae8 ging het een aantal zetten gelijk op tot zwart zijn kansen overschatte met

25. …. Txf2 en dat lijkt fantastisch. Maar met Lxf2 was hij er goed uitgekomen in een gelijke stand, terwijl nu wit het geniepige zetje 26. c5 kon doen, waarna de zwarte loper niet meer mee deed terwijl na het verlaten van de 8e lijn de pion op d6 richting promotie ging. Er volgde 26. ….Txb2 27. d7 Td2 28. Te8+ Kf7 29. d8(D) Txd8 30. Txd8, waarna de loper op a7 werd opgehaald. Tjeerd ging in een verloren stelling manmoedig verder en probeerde remisekansen te scheppen met koning, paard en pion op de c- en d-lijn, wat in de volgende stelling resulteerde.

Ik weet niet wat er door de witspeelster heen ging toen ze Txd3 speelde (Poolse spoken?). De engine geeft meer dan +6 aan. Nu werd dat tot 0.00 teruggebracht. Want wat uiteindelijk overblijft is een wederzijdse vrijpion die ook wederzijds gestopt kan worden. Een gelukkig half puntje voor ons dus!

Met een stand 2-5 was het nu afwachten op het laatste winstpunt dat Ferdi op bord 1 bezig was te scoren tegen Kenneth Muller. Eerst was hij in behoorlijk in de moeilijkheden geraakt na 26. g3 Te1+ 27. Txe1 Txe1 28. Kg2 waarna zwart zijn dame via d6 of e8 en dan e6 op h3 kon richten met matdreiging. Het zou wit materiaal kosten om aan het mat te ontkomen. In plaats daarvan speelde zwart 28. …. g4 waarna Ferdi met 29. Lxd5 opeens op zijn beurt gewonnen stond en het voordeel uiteindelijk zonder veel problemen tot winst kon voeren. Met deze 2 – 6 overwinning liggen we helemaal op koers naar het kampioenschap!